Week 4 – Opdracht 2:

Meerkeuzevragen – Alles over eiwitten

1. Wat is de belangrijkste functie van eiwitten in het lichaam?
A. Energie leveren voor sport
B. Bouwstof voor spieren, cellen en weefsels
C. Opslag van vet
D. Regulatie van bloedsuiker

2. Hoeveel calorieën levert 1 gram eiwit?
A. 9 kcal
B. 6 kcal
C. 4 kcal
D. 2 kcal

3. Wat zijn essentiële aminozuren?
A. Aminozuren die het lichaam zelf aanmaakt
B. Aminozuren uit fruit
C. Aminozuren die je uit voeding moet halen
D. Onbelangrijke eiwitdeeltjes

4. Wat is een volwaardige eiwitbron?
A. Een eiwitbron met weinig calorieën
B. Een bron met alle essentiële aminozuren
C. Een eiwitbron uit alleen plantaardige producten
D. Een bron met veel vetten

5. Welke van de volgende is een goede plantaardige eiwitbron?
A. Avocado
B. Rijstwafel
C. Linzen
D. Sla

6. Waarom zijn eiwitten belangrijk tijdens het afvallen?
A. Ze geven veel energie
B. Ze verhogen je suikerinname, waardoor je verbranding naar beneden gaat
C. Ze zorgen voor spierafbraak
D. Ze geven een vol gevoel en behouden spiermassa en zijn laag in calorieen

7. Welke van de onderstaande voedingsmiddelen bevat de meeste eiwitten?
A. Broccoli
B. Kipfilet
C. Appel
D. Linzen

8. Wat is een goede eiwitinname per dag voor een sportieve persoon van 70 kg?
A. Ongeveer 10 tot 20 gram
B. Ongeveer 30 tot 50 gram
C. Ongeveer 60 tot 90 gram
D. Ongeveer 100 tot 150 gram

9. Welk product bevat vooral eiwitten én weinig vet en koolhydraten?
A. Volkoren pasta
B. Magere kwark
C. Boter
D. Chips

10. Wat gebeurt er als je langdurig te weinig eiwitten eet?
A. Je valt automatisch af
B. Je krijgt meer energie
C. Je verliest spiermassa en herstelt langzamer
D. Je bouwt sneller spieren op

Wanneer insturen?
Graag vóór het einde van deze week, zodat we jouw voortgang tijdig kunnen bekijken en bespreken.”

Scroll to Top